Weekopening

Lezing: Lucas 1: 39-56

39Kort daarop reisde Maria in grote haast naar het bergland, naar een stad in Juda,

40 waar ze het huis van Zacharias binnenging en Elisabet begroette.

41 Toen Elisabet de groet van Maria hoorde, sprong het kind op in haar schoot; ze werd vervuld van de heilige Geest

42 en riep luid: ‘De meest gezegende ben je van alle vrouwen, en gezegend is de vrucht van je schoot!

43 Wie ben ik dat de moeder van mijn Heer naar mij toe komt?

44 Toen ik je groet hoorde, sprong het kind van vreugde op in mijn schoot.

45 Gelukkig is zij die geloofd heeft dat de woorden van de Heer in vervulling zullen gaan.’

46 Maria zei: ‘Mijn ziel prijst en looft de Heer,

47 mijn hart juicht om God, mijn redder:

48 Hij heeft oog gehad voor mij, zijn minste dienares. Alle geslachten zullen mij voortaan gelukkig prijzen,

49 ja, grote dingen heeft de Machtige voor mij gedaan, heilig is zijn naam.

50 Barmhartig is Hij, van geslacht op geslacht, voor al wie Hem vereert.

51 Hij toont zijn macht en de kracht van zijn arm en drijft uiteen wie zich verheven wanen,

52 heersers stoot Hij van hun troon en wie gering is geeft Hij aanzien.

53 Wie honger heeft overlaadt Hij met gaven, maar rijken stuurt Hij weg met lege handen.

54-55 Hij trekt zich het lot aan van Israël, zijn dienaar, zoals Hij aan onze voorouders heeft beloofd: Hij herinnert zich zijn barmhartigheid jegens Abraham en zijn nageslacht, tot in eeuwigheid.’

56 Maria bleef ongeveer drie maanden bij haar, en ging toen terug naar huis.

Overdenking:

Liederen kunnen je raken. Vorig jaar was ik naar een concert van een jongenskoor. In een mooie, oude kerk in Zwolle. Het was zo zuiver, de tonen resoneerden in de kerk. Er waren indrukwekkende momenten bij. En als ik dan bijvoorbeeld de woorden hoor van het “Stille Nacht” dan kan dat me raken.

In Engeland in de Anglicaanse traditie, zijn de ‘Evensongs’. Misschien heeft u daar wel eens van gehoord. Vooraanstaande koren die zo’n Evensong invullen met een aantal vaste liederen en variërende liederen. Zo’n terugkerend lied is het

“Magnificat”, de lofzang van Maria. In onze traditie zingen we dit lied af en toe met Advent, in die Engelse traditie dus elke week! De lofzang van Maria maakt ons onder de indruk van wat de machtige God aan Maria heeft gedaan. Maria kan niet anders dan God groot te maken, Hem te loven en te prijzen. Maria is een voorbeeld in haar diepe geloof. Of haar stem het lied mooier heeft gemaakt, daarover lezen we niet. Haar ziel maakt groot de Heer. Over de kwaliteit van haar stem wordt geen woord gezegd. En met dat woordje ziel wordt bedoeld heel het leven, het innerlijke geloofsleven, het doen en laten. Mijn ziel maakt groot de Heer; Alles, heel mijn leven, mijn doen en laten , mijn kracht richt ik op Hem.

De lofzang van Maria heeft overeenkomsten met de lofzang van Hanna. In beide liederen herkennen we dat God omziet naar Zijn volk, in beide liederen worden hoogmoedigen genoemd en krijgen nederigen een belangrijke verandering: Zij worden verheven. Gods genade wordt bezongen door beide vrouwen.

In Maria’s lied klinkt niets over haar zwangerschap; ze zingt niet over haar geluk, over haar kind of over het moederschap dat ze mag gaan ervaren. Het lied is meer een Psalm, een danklied. In haar lied echoën de woorden van andere liederen. Liederen die ze heeft geleerd, die haar herinneren aan Gods weldaden. Zoals ook hier vaak weer de bekende liederen worden gezongen. En soms door mensen die niet meer kunnen praten, mensen van wie het geheugen is afgetakeld, maar de vertrouwde liederen worden volop meegezongen. Ze zijn verborgen in onze zielen.

Ondanks de schrik die ze heeft ervaren, nadat de engel bij haar kwam met die vreemde, maar vooral bijzondere boodschap, begint ze haar lied met: “ Maakt groot”. Dat is best een beetje apart, want God is toch al groot? Hoe kunnen wij Hem nog groter maken? Deze woorden hebben eigenlijk niks te maken met Gods grootheid, maar met onze eigen grootheid. We hebben onszelf te groot gemaakt en staan als het ware in de weg. Door Gods grootheid te bezingen, plaatsen we Hem weer op die plek en doen we zelf een stap terug. Hem komt de eer toe!Maria laat met die woorden horen, dat ze God God laat zijn. God krijgt de ruimte

In Maria’s lied gaat het om God op de hoogste plek. Ze gebruikt het woord ‘kurios’, daarin zit Gods macht verborgen. Grootheid, heerser, machtige. En ook het woord Redder. God is degene die de macht heeft, niet een aardse machthebber. De macht van de keizer is niet vergelijkbaar met de macht van God. De status van machthebbers verdwijnt, waar jezus verschijnt.

Maria bezingt haar eigen nederige staat. God heeft naar haar omgezien. In deze woorden klinken de woorden dat God omziet naar de ellendige, naar de arme en Hij helpt wie geen helper heeft.

In Maria’s lied horen we de daden van God uit het verleden, zo kunnen we woorden horen uit de Psalmen, uit de Profetieën, maar ook de uittocht uit Egypte en zijn trouw aan Abrahams nageslacht komen in een paar zinnen voorbij.

Middenin het lied staat het woord “Barmhartigheid”. Trouw. Loyaliteit. Maria gedenkt Gods trouw, van geslacht op geslacht. Iets waarvan we later zullen zien dat Jezus het werk van God voortzet.

Maria zingt. Zingen is een bijzonder manier om het geloof vol te houden. Het is vaak belangrijk gebleken om geloof tijdens beproeving vol te houden. Er wordt gezongen in cellen; er werd gezongen in verduisterde huiskamers tijdens de Tweede Wereldoorlog. Er werd gezongen op weg naar de Waalsdorpervlakte. We misten het zingen in de coronaperiode. Zingen kan troosten, bemoedigen. Zingen is een vorm van geloofsbeleving, ook van het delen van geloof. Er wordt hier in de Westerkim ook veel gezongen.

Maria’s woorden laten ons zien dat God een genadige God is, dat Hij omziet naar de eenvoudige, de zwakke, de armen, Maria’s lied laat ons zien dat God het onmogelijke kan doen. En Maria bezingt Gods trouw. Daarom is het een lied van hoop.

De lofzang van Maria geeft ons ook een doorkijkje. Maria laat woorden horen, zoals een profeet ze laat horen. Woorden over het lot van Israël en weer dat woord barmhartigheid en de belofte van God, waar Hij trouw aan blijft.

Luther vond de lofzang van Maria een hoogte punt . Het lied geeft het Evangelie in een paar regels weer. Volgens Luther zouden we het tweemaal daags moeten zingen. In onze tijd met zoveel prachtige liederen laat ik het aan u zelf over welk lied u twee keer daags zou willen zingen. Ik zou, zonder Maria’s lofzang tekort te doen, Luthers advies gedeeltelijk willen overnemen: Twee keer daags zingen. Om God groot te maken, om Hoop te ervaren in de liederen en het geloof te delen met elkaar. Daarom gaan ook wij weer zingen. AMEN