Weekopening week 4

Thema: Met vertrouwen beginnen

Eerste lied: Psalm 121

Ik sla mijn ogen op en zie

de hoge bergen aan, / waar komt mijn hulp vandaan ?

Mijn hulp is van mijn Heere, die

dit alles heeft geschapen. / Mijn herder zal niet slapen.

Uw wankle voeten zet Hij vast,

als gij geen uitkomst ziet: / uw wachter sluimert niet !

Zijn oog wordt door geen slaap verrast,

Hij wil, als steeds voor dezen, / Israëls wachter wezen.

 

De Heer brengt al uw heil tot stand,

des daags en in de nacht / houdt Hij voor u de wacht.

Uw schaduw aan uw rechterhand:

de zon zal u niet schaden, / de maan doet niets ten kwade.

 

De Heer zal u steeds gadeslaan,

Hij maakt het kwade goed, / Hij is het die u hoedt.

Hij zal uw komen en uw gaan,

wat u mag wedervaren, / in eeuwigheid bewaren.

 

Lezing: Psalm 121

1Een pelgrimslied.

Ik sla mijn ogen op naar de bergen.

Van waar komt mijn hulp?

2Mijn hulp komt van de HEER,

die hemel en aarde gemaakt heeft.

3Hij zal je voet niet laten wankelen,

Hij zal niet sluimeren, je wachter.

4Nee, Hij sluimert niet,

Hij slaapt niet,

de wachter van Israël.

5De HEER is je wachter,

de HEER is de schaduw

aan je rechterhand:

6overdag kan de zon je niet steken,

bij nacht de maan je niet schaden.

7De HEER behoedt je voor alle kwaad,

Hij waakt over je leven,

8de HEER houdt de wacht

over je gaan en je komen

van nu tot in eeuwigheid.

 

Psalm 146: 6: Die trouw houdt tot in eeuwigheid

Psalm 138:8: De HEER zal mij altijd beschermen.

HEER, uw trouw duurt eeuwig,

laat het werk van uw handen niet los.

 

Overdenking: Met vertrouwen beginnen

Een aantal weken geleden heeft u het misschien al een aantal keren gehoord: gelukkig nieuwjaar; heil en zegen toegewenst; een gezegend nieuwjaar of iets met de beste wensen. Als zo’n nieuw jaar begint, is het soms ook de vraag: Wat zal dit jaar brengen? We wonen in een huis waar iedereen oud is en waar je er ook bij wordt bepaald, dat het leven eindig is. De vraag kan je dan misschien ook wel overvallen: hoe gaat dit jaar er voor mij uitzien. Hoe zal het gaan met mijn gezondheid. Een jaarwisseling kan best confronterend zijn voor mensen die ernstig ziek zijn of die een kwetsbare gezondheid hebben. Ik durf zelf niet tegen iedereen te zeggen: “Gelukkig nieuwjaar toegewenst”.

Elke zondag klinken in de kerk de woorden die we zojuist hebben gelezen:

“Onze hulp en onze verwachting is in de Naam van de Here, Die hemel en aarde gemaakt heeft(Psalm 124:8) Die trouw houdt tot in eeuwigheid. (Psalm 146:6) En nooit laat varen het werk van zijn handen”. (Psalm 138:8). Het zijn heel vertrouwde woorden en soms zo vertrouwd dat ze misschien niet meer altijd tot ons doordringen.

De woorden staan onder andere in Psalm 121. Een lied dat gaat over bergen en dalen, over het leven van alledag zou je kunnen zeggen, met alles wat daarin kan gebeuren. Het begint met een vraag, een uitroep om hulp. En daarin de troost, het geloof en het vertrouwen: mijn hulp is van U Heer. Wij mogen God als Helper aan onze zijde weten en wij mogen dat wat we hopen, wat we verwachten en ook daar waar we onzeker over zijn, daarin mogen we het van hem verwachten. Hij is erbij.

Na de woorden uit Psalm 121 volgen woorden uit Psalm 146. Woorden over Trouw. Trouw is een groot woord. Een woord dat iemand doet wat Hij belooft, dat iemand er altijd voor je is. Trouw is ook ondanks alles. Trouw gaat door alle omstandigheden heen. Trouw houd stand, ook als wij twijfelen. Die trouw houdt tot in eeuwigheid. Onvoorwaardelijk, onbegrensd en onbeschrijfelijk.

En Hij laat nooit los het werk van Zijn handen. Zo kijkt God naar onze wereld. Het werk van Zijn handen. Het is en het blijft van Hem. Al proberen mensen van alles te doen alsof het ons bezit is. Maar God is er aan begonnen en Hij maakt het op Zijn tijd ook af. Hij laat dat plan niet in de steek.

Zo bent u, zo ben ik ook een werk van Gods handen. Hij kent u en mij van kinds af aan. Hij kent ons in onze blijde dagen, maar ook in onze momenten en dagen van verdriet. En dat werk, ons dus, dat laat Hij nooit los. In die Hand zijn we geborgen.

Die woorden mogen dit jaar met ons meegaan. Die woorden mogen ons elke dag bemoedigen. De woorden die we net hebben gelezen worden in kerktaal ook wel het ‘votum’ genoemd. Het is een Latijns woord voor “belofte”. Het is een soort belijdenis eigenlijk. Als gemeente, maar ook vanochtend hier, worden de woorden uitgesproken namens ons, namens de gemeente. Het is een uitspraak van vertrouwen in God en het spreekt de verwachtingen uit van de toehoorders naar God. Het is een gebed, een belijdenis. Aan het begin van een kerkdienst, maar ook hier, de eerste weekopening in een nieuw jaar.

We mogen in dit huis onze hulp verwachten van God. Bij plannen die worden gemaakt, bij het werken en organiseren. Onze hulp die we persoonlijk mogen verwachten, op momenten dat we het zelf misschien niet zo zien zitten. We mogen vertrouwen dat God ons niet los zal laten in de momenten van ziekte en ook als het leven op het einde loopt en we het aardse leven moeten loslaten.

We lazen net Psalm 121. En pelgrimslied. Een lange voetreis naar een bijzondere plek en dezelfde weg weer terug. De pelgrim staat voor het heiligdom. Hij heeft de heenreis van de pelgrimage gehaald. Een hoogtepunt! In het heiligdom misschien wel iets bijzonders ervaren, iets goddelijks. En dan buiten is er de realiteit. Bergen omgeven Jeruzalem en nu moet hij dat hele stuk weer terug. Lopend. “Ik sla mijn ogen op naar de bergen…vanwaar komt mijn hulp?” het zou best wel eens kunnen zijn dat de priester hem antwoordde: “MIJN hulp komt van de here”. Een getuigenis om de ander te laten zien wat geloof kan doen.

De priester kan het niet opleggen of opdringen aan de pelgrim. Maar hij kan wel laten zien waar zijn vertrouwen op gegrond is. Dat is ook voor ons iets wat we kunnen doen en betekenen. Laten zien waar wij ons vertrouwen vinden. Zo mogen we getuigen van ons geloof, van Gods trouw en van Zijn nabijheid. Ik wens u een nieuwjaar vol geloof en vertrouwen.

Ik sluit af met de woorden van Dietrich Bonhoeffer:

Door goede machten trouw en stil omgeven,

behoed, getroost, zo wonderlijk en klaar,

zo wil ik graag met u, mijn liefsten, leven,

en met u ingaan in het nieuwe jaar.

 

In goede machten liefderijk geborgen

verwachten wij getroost wat komen mag.

God is met ons des avonds en des morgens, is zeker met ons elke nieuwe dag. AMEN

 

Tweede lied: Lied 146c: 1, 3, 7 Alles wat adem heeft

Alles wat adem heeft love de Here,

zinge de lof van Israëls God!

Zolang ik hier in het licht mag verkeren,

roem ik zijn liefde en prijs mijn lot.

Die lijf en ziel geschapen heeft

worde geloofd door al wat leeft.

Halleluja! Halleluja!

 

Welgelukzalig is ieder te noemen,

die Jakobs God als helper heeft!

Wat zou hem schade, wie zou hem verdoemen,

die dag aan dag met Christus leeft.

Wie met de Heer te rade gaat,

die staat Hij bij met raad en daad.

Halleluja, Halleluja.

 

Roem dan, gij mensen, en lofzing tezamen

Hem die zo grote dingen doet.

Alles wat adem heeft, roepe nu amen,

zinge nu blijde: God is goed!

Love dan ieder die Hem vreest

Vader en Zoon en heilige Geest!

Halleluja! Halleluja!

Gebed (met woorden van ds. De Reuver)

Wij komen tot U, biddend om uw zegen om moed, liefde en kracht.

Om elkaar te zoeken, lief te hebben en recht te doen.

Om elkaars waardigheid hoog te houden.

Vul ons met uw wijsheid, met uw geestkracht,

tot zegen van degenen die op ons pad zullen komen in het jaar dat komt.

Tot zegen van onszelf.

 

Wees onze hulp en onze verwachting in het nieuwe jaar en laat ons niet los. We vertrouwen op Uw trouw.

We bidden U om een zegen in dit jaar voor allen die hier werken. Voor wijsheid, liefde, geduld en vreugde in hun werk. Ook voor de vrijwilligers. We bidden U dat we met elkaar een huis mogen zijn waar liefde woont, waar we het goed hebben met elkaar en waar we ons thuis voelen. Dat bidden we U in Jezus’ Naam. AMEN

Hartelijke groeten en een goede week toegewenst!